Agenda

Culturele activiteiten

Lees verder...

Onze statistieken

Vandaag 357
Deze week 4348
Deze maand 12525
Sinds 10-2008 2603574

Leven - Vivir




 

 

 

Infinitief El infinitivo
te leven vivir
   
Tegenwoordige tijd El presente
ik leef yo vivo
jij leeft tú vives
hij / zij / het leeft él / ella vive
wij leven nosotros / nosotras vivimos
jullie leven vosotros / vosotras vivís
zij leven ellos / ellas viven
   
Verleden tijd El pretérito
Onvoltooid verleden tijd El pretérito imperfecto
ik leefde yo vivía
jij leefde tú vivías
hij / zij / het leefde él / ella vivía
wij leefden nosotros / nosotras vivíamos
jullie leefden vosotros / vosotras vivíais
zij leefden ellos / ellas vivían
   
Voltooid tegenwoordige tijd El pretérito perfecto compuesto
ik heb geleefd yo he vivido

 

 








Citaat van de dag

"A los seis años quería ser cocinera. A los siete quería ser Napoleón. Mi ambición no ha hecho más que crecer. Ahora sólo quiero ser Salvador Dalí y nada más. Por otra parte, esto es muy difícil, ya que, a medida que me acerco a Salvador Dalí, él se aleja de mí.
Toen ik zes jaar oud was wilde ik kok worden. Toen ik zeven was wilde ik Napoleon worden. Mijn ambitie is sindsdien alleen maar verder gegroeid. Vandaag de dag wil ik Salvador Dalí zijn en niet meer dan dat. Aan de andere kant is dat best moeilijk, want hoe dichter ik Salvador Dalí nader, des te meer beweegt hij zich bij mij vandaan. "
- Salvador Dalí -
(1904-1989)