Agenda

Culturele activiteiten

Lees verder...

Onze statistieken

Vandaag 281
Deze week 4338
Deze maand 12964
Sinds 10-2008 3226009

Leven - Vivir




 

 

 

Infinitief El infinitivo
te leven vivir
   
Tegenwoordige tijd El presente
ik leef yo vivo
jij leeft tĂș vives
hij / zij / het leeft Ă©l / ella vive
wij leven nosotros / nosotras vivimos
jullie leven vosotros / vosotras vivís
zij leven ellos / ellas viven
   
Verleden tijd El pretérito
Onvoltooid verleden tijd El pretérito imperfecto
ik leefde yo vivía
jij leefde tĂș vivías
hij / zij / het leefde Ă©l / ella vivía
wij leefden nosotros / nosotras vivíamos
jullie leefden vosotros / vosotras vivíais
zij leefden ellos / ellas vivían
   
Voltooid tegenwoordige tijd El pretérito perfecto compuesto
ik heb geleefd yo he vivido

 

 








Citaat van de dag

"Cada mañana, cuando me levanto, experimento una exquisita alegría, la alegría de ser Salvador Dalí, y me pregunto entusiasmado - ¿qué cosas maravillosas lograrå hoy este Salvador Dalí?
Iedere ochtend als ik opsta, ervaar ik een uitbundige blijdschap, de blijdschap Salvador DalĂ­ te zijn, en ik vraag me enthousiast af - Wat voor prachtige dingen gaat hij vandaag weer doen, die Salvador Dali? "
- Salvador DalĂ­ -
(1904-1989)

Advertenties

Ook adverteren op deze pagina?

Cursus Spaans
Zelfstudie met begeleiding

NHA
- Levend Spaans voor beginners
- Levend Spaans voor gevorderden
- Gratis studiegids aanvragen

Cursus Spaans
Volledige zelfstudie

NHA
- Latijns-Amerikaans Spaans
- Gratis studiegids aanvragen