Agenda

Culturele activiteiten

Lees verder...

Onze statistieken

Vandaag 170
Deze week 1607
Deze maand 21759
Sinds 10-2008 2450498

Spelen - Jugar




 

 

 

Infinitief El infinitivo
te spelen jugar
   
Tegenwoordige tijd El presente
ik speel yo juego
jij speelt tú juegas
hij / zij / het speelt él / ella juega
wij spelen nosotros / nosotras jugamos
jullie spelen vosotros / vosotras jugáis
zij spelen ellos / ellas juegan
   
Verleden tijd El pretérito
Onvoltooid verleden tijd El pretérito imperfecto
ik speelde yo jugaba
jij speelde tú jugabas
hij / zij / het speelde él / ella jugaba
wij speelden nosotros / nosotras jugábamos
jullie speelden vosotros / vosotras jugabaís
zij speelden ellos / ellas jugaban
   
Voltooid tegenwoordige tijd El pretérito perfecto compuesto
ik heb gespeeld yo he jugado

 

 








Citaat van de dag

"Dios existe. Y si no existe debería existir. Existe en cada uno de nosotros, como aspiración, como necesidad y, también como último fondo, intocable de nuestro ser.
God bestaat. En als Hij niet bestaat, dan moet Hij bestaan. Hij bestaat in ieder van ons. Als streven, als noodzaak en ook als oergrond, onlosmakelijk met ons wezen verbonden. "
- Octavio Paz -
(1914-1998)