Agenda

Culturele activiteiten

Lees verder...

Onze statistieken

Vandaag 146
Deze week 2100
Deze maand 20075
Sinds 10-2008 2657362

Spelen - Jugar




 

 

 

Infinitief El infinitivo
te spelen jugar
   
Tegenwoordige tijd El presente
ik speel yo juego
jij speelt tú juegas
hij / zij / het speelt él / ella juega
wij spelen nosotros / nosotras jugamos
jullie spelen vosotros / vosotras jugáis
zij spelen ellos / ellas juegan
   
Verleden tijd El pretérito
Onvoltooid verleden tijd El pretérito imperfecto
ik speelde yo jugaba
jij speelde tú jugabas
hij / zij / het speelde él / ella jugaba
wij speelden nosotros / nosotras jugábamos
jullie speelden vosotros / vosotras jugabaís
zij speelden ellos / ellas jugaban
   
Voltooid tegenwoordige tijd El pretérito perfecto compuesto
ik heb gespeeld yo he jugado

 

 








Citaat van de dag

"Luchar contra el mal es luchar contra nosotros mismos.
Vechten tegen het kwaad is vechten tegen onszelf. "
- Octavio Paz -
(1914-1998)